Vreemd

HARM - Een Kleverparkfeuilleton.

Maak kennis met Harm(48) uit de Marnixstraat in Haarlem Noord, illustrator, buurman, echtgenoot van Roeleke (46), vader van Tim (17) en Sterre (14). Houdt van appels, rust, het leven

Harm keek opzij. Daar lag Annechien. Op haar rug, armen onder haar hoofd, neus onhoog. Een puntige neus was het. Nog maar een paar minuten geleden had hij die neus gezoend, nadat zij hem er per ongeluk mee in z’n rechteroog had gestoken. Of misschien had hij zijn hoofd niet op tijd schuin gehouden. Het kussen van een nieuw gezicht, een nieuw lichaam, het strelen van benen die niets te maken hadden met die van zijn eigen vrouw, het was naast verrukkelijk vooral zoeken geweest naar de juiste verhoudingen.

‘Een onderbroek moet lekker zitten’

Hoe was dat de eerste keer met Roeleke gegaan? Harm dacht terug aan de slaapkamer in het huis in Amsterdam West dat hij toen deelde met twee studiegenoten. Hij had Roeleke eerst meegenomen naar een concert in Paradiso en daarna was ze met hem mee naar huis gegaan. Ze had eerst het aanrecht schoongemaakt. Met een doekje. Dat had Harm speciaal voor haar geknipt uit een oude handdoek nadat ze vertwijfeld had gekeken naar de enige theedoek die het jongemannenhuishouden rijk was. De lucht van het bacterieel klimaat van de doek kwam je al bij de voordeur tegemoet.

‘Een keuken moet schoon zijn’ was net als ‘een onderboek moet lekker zitten’ één van de weinig poëtische uitspraken waar Roeleke zich graag van bediende. Roeleke was praktisch. En zo was hun eerste nacht ook geweest. Teder, maar vooral praktisch. Ze had condooms bij zich gehad, en wist precies op welk moment ze die uit het pakje moest scheuren. En ook aan de handelingen die daarop volgden had Harm weinig hoeven doen. Een vrouw om je veilig bij te voelen. Een pittig ding. De ronde borsten, de mollige benen, de armen die naar verhouding iets te kort waren voor de rest van haar toch al niet zo lange lichaam, Harm had plezier in haar gehad. Ze had hem uitgelachen toen hij haar voorstelde eens model voor hem te staan. Toen ze ’s ochtends wakker werden had Roeleke het bed afgehaald en zich rot gezocht naar een schone dekbedhoes. Daarna waren ze bij de Hema gaan ontbijten.

Veel met wol gedaan

Harm pakte Annechiens hand. Lange vingers, rode nagels. Vier zilveren ringen telde hij. Haar neus wees nog steeds omhoog. Terwijl ze praatte over, tsja, Harm had werkelijk geen idee waarover, streelde hij haar vingers, wilde hij haar vingers leren kennen, wilde hij dat haar vingers die van hem leerden herkennen, dat hun handen elkaar nog vaak zouden vastpakken, dat ze hand in hand door een dorpje in de Dordogne… En dan met een kano…

‘Je kijkt helemaal niet!’, Harm schrok van Annechiens stem, zo dicht in zijn oor ineens.
Ze wees naar de linkerkant van het bed ‘heb je dat weleens eerder gezien?’.
Harm moest toegeven dat hij zijn onderbroek nog nooit eerder aan een spinnenwiel had zien hangen. Maar deze ochtend was alles vreemd, dit kon er ook nog wel bij. Dat ze vroeger veel had gespind, veel met wol had gedaan, gebreid enzo. Harm hoorde het allemaal aan. Het interesseerde hem wel en het interesseerde hem niet. Het maakte niet uit wat ze zei en wat ze er voor illustere hobby’s op na hield, als zij het maar was. Want zij was het echt, de eerste vrouw met wie hij Roeleke bedroog. Harm dacht aan zijn vriend Raymond, die al jaren de ene affaire na de andere had, voor wie vreemdgaan a way of life was geworden. Terwijl voor Harm het woord vreemdgaan in z’n volle betekenis nu pas tot hem aan het doordringen was.

Samen douchen

Vreemd, het was allemaal heel vreemd. Deze vrouw die hem had meegesleept naar het bed dat zij al jaren deelde met een man die hem vanaf een foto op de overloop vrolijk had toegelachen. Een grote donkere knappe man over wie Annechien had verteld dat hij George heette en dat hij filmproducent was. En ook dat hij manisch depressief was en dat hij momenteel bij vrienden in Engeland logeerde omdat het Annechien te machtig was geworden, een man die hele dagen niets anders deed dan slapen op de bank van zijn werkkamer.

Wat deed hij, Harm, nu ineens in dit huis, in deze levens? Hoe had hij het gedurfd zich in deze vreemde slaapkamer uit te kleden, wat lag hij hier nu naakt naast deze vrouw die na al hun hartstochtelijk gezoen nog steeds rode lippen had? Hij dacht aan zijn moeder voor wie hij nog boodschappen moest doen. Maar voor het hem gelukt was met zijn voet z’n onderbroek van het spinnenwiel af te vissen, stond Annechien al bij de slaapkamerdeur. ‘Kom we gaan samen douchen, en daarna moet je weg, de kinderen komen uit school.’ En zo stond Harm even later met nat haar en met een vreemd deodorantmerk onder zijn oksels bij de Dekamarkt appels af te wegen. Roeleke smste, of hij er wel aan had gedacht dat de tabletten voor de vaatwasser op waren. Nee, daar had hij niet gedacht.



FacebookTwitterLinkedInWhatsAppGoogle+Email